Taaliban

‘Ik heb als corrector alles te verliezen, waar anderen alleen maar kunnen verrassen’, zei ik tegen een collega vlak voor het Groot Dictee, het eerste voor onze redactie. Sommige collega’s waren gespannen, anderen deden niet mee.

Een van de twee organisatoren sprak achteraf over een juniorenversie, wat ik tegensprak. Het dictee had een goede (politie)verhaallijn, veel lastige woorden als kafkaësk en mouches volantes en klassieke valkuilen als fata morgana, in groten getale, ge-sms’t en carrousel. Aan het einde had ik het minste aantal fouten. Een collega zou me ‘ingemaakt’ hebben als hij zijn koppeltekens beter had gebruikt. Een andere had maar twee fouten meer en zat dus in mijn kielzog. Iemand noemde me lid van de Taaliban. We namen het leuk serieus. Volgend jaar mag ik het dictee maken. ‘De patjepeeër pakte zijn piccolootje en stopte hem in de dacquoise.’

Ik heb me aangemeld voor de politieboot tijdens de Canal Pride en mag erop, mits het lukt een uniform te lenen. Collega’s vroegen me of ik iets wilde vertellen en of ik wel een leren broek heb. Homofobie is nooit ver weg.

De taxatie van ons appartement is boven verwachting goed. Ruim boven onze eigen schatting. Het komt helemaal goed met Weesp. Het is wachten op de notaris.

Wie stopt Amsterdam?

Burgemeester Halsema wil minder toeristen omdat de stad het gewoon niet aankan, zegt ze in een artikel in NRC. Ze haalt 2019 aan als rampjaar. De middelen om die toestroom te beperken, zijn echter beperkt. Coffeeshops uitkopen is te duur en hoe voorkom je stag en hen parties? Als die groepen niet met het vliegtuig (kunnen) komen, dan toch met de boot? Een andere optie is De Wallen verplaatsen, omdat ze een aanzuigende werking hebben op de feesttoerist. Maar wie wil een erotisch centrum in de buurt? Met allerhande (geslachts)verkeeroverlast?

Wat de burgemeester gemakshalve niet noemt, is de eigen citymarketing, die sinds 2019 Amsterdam & Partners heet. A&P zegt voor 2025 te streven naar een bezoekerseconomie die waarde toevoegt en geen overlast veroorzaakt. We richten ons actief op bezoekers die voor congressen en cultuur komen, in de breedste zin van het woord. Oké, het richt zich niet op de feesttoerist maar op de congresbezoekers en dat is vast netter volk. Maar het gaat sec om aantallen en niet om soorten. Waarom houd je een instantie in stand die er alles aan doet om mensen naar Amsterdam te halen?

Laat Amsterdam stoppen met zichzelf promoten. We kunnen nog jaren teren op een bedenkelijke reputatie, maar zoetjes aan stokt de toestroom en normaliseert het toeristenbedrijf. Het levert vast ook vriendelijker Amsterdammers op, die nu als gebeten honden reageren op welke toerist dan ook.

Bouwprelude

Stelde ik de bouwprojectbegeleidster een vraag dan zei ze: ‘En dan maak ik mijn verhaaltje af.’ Luisteren deed ze niet zo goed. We gaven direct aan de keukenboer te willen die de bouwer voorstelt, maar ze bood steeds de optie voor een andere keukenleverancier aan. Nu ja, it’s for the greater Weesp. We zagen snel waar de bouwer winst maakt: stopcontacten, waarvan er erg weinig op de bouwtekening staan.

De taxateur kwam langs: een joviale ouwehoer, die professioneel oogt. Hij wil ons appartement te zijner tijd graag verkopen. ‘De tijd dat er dertig kopers tegen elkaar opbieden is voorbij’, gaf hij ons mee. Tegelijk zag hij de kansen voor ons appartement, een doelgroep. Het woord expats viel. De taxatie komt binnenkort. Ook moeten we binnen drie weken de nieuwe keuken kiezen.

Zeggen dat je bij de politie werkt, is als een kwartje in een automaat stoppen. De makelaarman had ooit een irritante agent tegenover zich, een stugge, onwrikbare diender, wat op verbaal verzet stuitte van de makelaar. Het was enige jaren geleden, maar hij was nog steeds boos.

Burgerfatsoen

Er lag glas op onze stoep en dus ging ik vegen. Gebeurt niet vaak. Ik werd aangesproken door een echtpaar dat volgende week het huis op drie hoog (naast ons) gaat bezichtigen. Of ik wat kon zeggen over de VVE. Zeer actief zei ik, met goed onderhoud, wat klopt, maar toen ik het Roos vertelde, zei ze dat de twee panden geen gedeelde VVE hebben. Dus vertelde ik een halve waarheid (of hele leugen zo je wilt). De dame vond het overigens een goed teken, dat ik stond te vegen. Fatsoenlijke mensen onderhouden hun buurt zelf, zo’n idee. Jammer dat ze vandaag niet kwamen, want een van de buren heeft het afval nu al op straat gezet. Dinsdag wordt het opgehaald. Roos keek nog even op Funda. Hun huis is met 70 vierkante meter kleiner dan onze 80 meter (of 85, maar dat wordt binnenkort gemeten). Verkoopprijs: bijna zeven ton.

De rechter heeft bepaald dat de uitstoot van stikstof fors, heel fors terug moet, maar de VVD-leden zeggen nee. Met een beetje gevoel voor drama kun je dat een dolkstoot in de rug van de VVD-minister (Natuur en Stikstof) noemen. En PvdA en GroenLinks vinden het maar lastig om gelijk op te trekken en lijken zo voor een kwijnend bestaan te kiezen. Alles draait om macht, zei een commentator. Er komt in Nederland nooit een nieuwe bestuurscultuur. Nooit.

Never waste a good crisis

Bij de vier volle opruimtassen kwamen nog een tent (één zomer lang geleden gebruikt), een kledingrek, houten wasmand, parasol en basketbal. Het autootje vol was bij de kringloopwinkel in Naarden snel geleegd. Daar nemen ze zonder morren alles aan, waar ze in Amsterdam per item bekijken of het wat is.

Onderweg luisterde ik op radio 1 naar een gesprek over crises, waarvan er tegenwoordig vele zijn: stikstof, personeel, aardgas, inflatie, grondstoffen en – niet genoemd – de persoonlijke crises. Studenten zeggen na de coronacrisis niet tegen de druk te kunnen en zoeken hun toevlucht in drugs, die volledig geaccepteerd zijn. Geen woord over de criminelen die dat drugsgebruik mogelijk maken.

Ook bij de politie wordt het woord crisis graag gebruikt. Er zijn crisisteams en bij ‘ons’ van communicatie krijg je een training crisiscommunicatie, om op alles voorbereid te zijn. Wat een crisis is, staat beschreven. Tijdens dat radiogesprek zei een crisismanager dat het woord crisis devalueert. Ja, een oorlog is een crisis van formaat, maar de rest is een probleem, geen crisis.

Het heet dat we tijdens een crisis vindingrijk worden, mogelijkheden zien die we anders laten liggen. Handel naar de situatie. Maar ons antwoord is op voorhand vastleggen, de flexibiliteit vervangen door vaste procedures. Het heeft vast voordelen, dat je niet verrast wordt, maar soms verlang ik naar minder toezicht, naar gewoon doen wat je op dat moment moet doen. Snel duiding geven met een bericht, een tweet, zonder afstemming met weet ik veel wie.

Doen of denken

Het verschil tussen de blogs van Ton van ’t Hof en die van mij, is dat hij schrijft over wat hij denkt en observeert (wat hij met verve doet), waar ik schrijf over wat ik doe. Ik vroeg me ook af waarom en denk dat het komt doordat ik nog werk, bij de politie. Daar is veel over te zeggen, wat ik niet doe. Of ten hoogste voorzichtig. Ik ben me bewust van mijn positie.

Het kan ook zijn dat ik geen originele gedachtes heb.

Over een workshop werkgeluk kan ik wel schrijven. Het was een sessie waar ik weinig aan had, omdat al ik al snel kon vaststellen dat ik behoorlijk tevreden ben met het werk dat ik doe. In dat opzicht was de sessie dan weer wel nuttig. Het is alleen dat je anderhalf uur hoort wat je kunt veranderen als je ontevreden bent.

Met het oog op de taxateur / makelaar die binnenkort langs moet komen, stelde Roos zelf voor om de studio op te ruimen. Die is nu prettig opgeruimd. Er staan vier tassen klaar voor de kringloop. Alsof we ons al voorbereiden op een spoedig vertrek naar Weesp, waarvan echt nog geen sprake is. Het wordt pas serieus als we naar de notaris gaan. Hier graag uw handtekening, kan een fijne zin zijn.

Jubel

WordPress feliciteerde mij met 10.000 weergaven, alsof het een prestatie was. Maar door de bank genomen worden mijn blogs door vier tot vijf bekenden gelezen. Alleen het blog over de dood van mijn vader, alweer 115 dagen geleden, trok beduidend meer publiek.

Het is 5 juni. Op 5 januari 2010 kwam ik officieel in dienst bij de politie, na in maart 2009 als uitzendkracht te zijn begonnen bij korps Noord-Holland Noord. Vandaag vier ik dus een ambtsjubileum van 12,5 jaar. Als de administratie op orde is, komt er binnenkort een legpenning met oorkonde. Ik begon in Alkmaar, ging toen naar Driebergen-Zeist, Hilversum, Nieuwegein en heb sinds 2017 Rotterdam als standplaats, met Den Haag als vaste uitvalsbasis. Ik vermoed dat we ooit teruggaan naar Nieuwegein, want recent kocht de politie bijna alle kantoorpanden aan de Nieuwegeinse ‘Zuidas’.

Toen ik berichtte over mijn te hoge LDL-waarde waarschuwde een vriend dat ik me daar zorgen over moest maken en dat medicatie nodig is. Een andere vriend haalde iets van die spanning af. Maar gezien het gezondheidsrisico besloot ik opnieuw wat gewicht kwijt te raken. Ik was in de loop der tijd toch twee kilo aangekomen. Inmiddels is er een kilo af – de BMI zegt gezond – en er moet nog een kilo af. Om weer op het oude niveau te komen.

Ik kocht boeken: ‘onder asfalt’ van Maarten van der Graaff (aan begonnen) en ‘De introductie van het plot’ van Frank Keizer. Bij die laatste wordt in de flaptekst gek genoeg (om commerciële redenen?) niets gezegd over zijn echte debuut, bij Stanza, ‘Dear World, fuck off, ik ga golfen’.

Waarde meten

Ging naar de huisarts omdat ik al twee maanden schouderpijn heb. Een ontstoken spier bleek tijdens het consult. En waarom ik niet direct naar de fysiotherapeut was gegaan? Maar nu ik er toch was, of ik een nieuw bloedonderzoek wilde doen, na de eerste voor corona. Een onderzoek naar cholesterolwaarden. Direct gedaan en de uitslag kwam zojuist binnen. Veel betere waardes, schreef de arts in mijn dossier, alleen mijn LDL is met 4.49 hoger dan het maximum van 2.5. Ik loop dus nog steeds risico (erfelijk, maar ook door de chemokuur) op hart- en vaatziekten, maar medicatie is nog niet nodig.

De nieuwbouwmolen draait gestaag door. We vullen af en toe wat formulieren in, zoals voor PEP, wat een politiek prominent persoon is. En vandaag kwam de afspraak voor een gesprek over het meer- en minderwerk, wat zelden minder is en vaak meer.

Toen ik een rondje Ringvaart fietste, passeerde ik drie keer een fietsster in Jumbo Visma-tenue. Zij deed intervaltraining, koerste rustig en knalde dan hard, bijzonder hard weg. Later zag ik op tv dat het Carlijn Achtereekte was, die van het schaatsen is overgestapt naar het fietsen.

De kriebels

Alles koek en ei met de financieel adviseur, die ooit anti-kraak woonde en muzikant (toetsenist) was en op het punt stond van landelijk doorbreken. Maar hij had de verkeerde producer en koos als econoom uiteindelijk voor de zekere kant van het bestaan. Onze aankoop (zoveel is zeker) is een al lokaal netwerk. De bouwer zit in Mijdrecht, de makelaar in Weesp, keukenleverancier in Lijnden, adviseur in Naarden en hij raadde ons een taxateur aan, ook uit de buurt.

We hebben al veel pret met de keuze voor de inrichting. Binnenkort mogen we op bezoek bij de showrooms voor de badkamer en keuken. Omdat het vermoedelijk de laatste keer is dat we verhuizen, gaan we nergens op bezuinigen; en het budget laat het toe.

Het duurt echter nog zeker anderhalf jaar voor we kunnen denken aan verhuizen, maar als een Marie Kondō gooide ik vandaag twee zakken kleding weg. Roos had ook de geest en schuurde en schilderde de terrasdeuren en bestelde nieuwe luchtroosters. Ik liet de auto wassen, kreeg advies van een truckchauffeur over de bandenspanning (sorry meneer, 2.0 achter is te weinig) en terug verfde ik over het beetje waterschade in de woonkamer, maar dat was niets in vergelijk met Roos. Die intussen nog rendang maakte. We doen er friet bij.

Kleur bekennen

Ik kwam (vast niet als eerste) op de zin: filosofie is religie voor de moderne mens, zonder de regels, waarna ik het idee om dit uit te werken verwierp omdat ik daar niet slim genoeg voor ben. Het begint met zelfkennis.

We bezochten het Van Gogh voor een tentoonstelling over Vincents olijfgaarden en sjokten door naar Etel Adnan en zagen de kunstconnectie niet. Adnan contrasteert hard met kleur, waar Van Gogh dat beduidend minder doet. Kneep ik mijn ogen toe, dan leek het ergens wel op werk van Ton van ’t Hof.

Vrijdag tekenden we ons koopcontract, met allerlei verbindende en ontbindende voorwaarden. De makelaar vroeg of ze een foto mocht maken van het zetten van de handtekening, maar zo sentimenteel zijn Roos en ik niet. Maandag ontmoeten we onze financieel adviseur.

Productie draaien?

Ontmoette op mijn “vaste werkplek in Rotterdam (ik ben vaker in Den Haag) een collega die ik door corona twee jaar niet had gezien. Het gaat hem goed. Hij zei dat hij met anderen sprak dat dat thuiswerken prima bevalt maar dat ie het mist om aardige collega’s te spreken, waarbij hij mij noemde, wat ik dan maar voor waar aannam en ik vind hem ook aardig dus dat scheelt. Ik was naar Rotterdam voor mijn stagiair die een presentatie gaf over zijn scriptie. Het was mijn eerste stagiair. Maandag een gesprek met de volgende. Ik leer ervan.

Vandaag deed ik weinig. Op de weg terug, met een weer tegenvallende prestatie van de NS, dacht ik aanvankelijk aan een verloren dag, want nauwelijks iets opgeleverd, maar “iets maken”, productief zijn, is maar het halve kantoorwerk. Relaties onderhouden is minstens zo belangrijk. Ik sprak oude bekenden en ontmoette nieuwe collega’s zodat het al met al een zinvolle dag werd. Opmerkelijk: als ik mijn naam noem zie je mensen denken dat ze hem eerder hoorden. Of het een waarschuwing is of een goed teken laat ik in het midden.

Todesgedichten

Wil opnieuw beginnen aan ‘Naakt en bewogen’ van Gert de Jager (net uit) en las intussen zijn (net uit) ‘Yo! De doodsgedichten van 36 zenmonniken’. Beide uitgegeven bij Gaia Chapbooks. Yo is hallo in het Japans, maar dan informeel. In de eerste van zijn vijf inleidingen op het fenomeen doodsgedichten en de taal die er achter steekt en de geschiedenis daar achter die doordesemd is van Chinese cultuur, staat: op de drempel van de dood werd een monnik geacht zijn definitieve inzicht in de vorm van een gedicht onder woorden te brengen.

Denk je clichématig aan het Verre Oosten (zijn wij voor hen het Verre Westen?) dan denk je aan mystiek, verhevenheid, maar daarvoor “waarschuwt” De Jager de lezer al, dat de gedichten in een boeddhistische traditie staan die van al het aardse een illusie maakt. Wat mij in de poëzie treft, is het schijnbare ontbreken van meesterschap. In de westerse traditie wordt meesterschap onderstreept door een meesterwerk, maar daarvan lijkt hier geen sprake. De gedichten zijn ontnuchterend, kaal, soms zelfs een tikkie banaal, wat ik heerlijk vind. Ze doen modern aan. Besef dan dat deze gedichten dateren van bijvoorbeeld 1278, 1458 of 1837.

Dokyo Etan (1721)

Hier in de schaduw van de dood
komt mijn laatste woord niet vanzelf.
Dus ik hou het maar bij ‘vanzelfsprekend’
en verder helemaal niets.


Om mijn eigen banaliteit kan ik niet heen. Ik fietste gisteren een geweldige ronde (op 227 stukken sneller dan eerdere ritten) maar kwam aan het einde heel knullig ten val, omdat ik moest omkeren op een smal pad. Mijn pols is nu licht gekneusd, evenals mijn ego. Verder liet ik de eerste uurtjes van hun ontmoeting aan Roos en haar vriendinnen, zodat ik de film The Northman zag. Veel wraakgeweld, veel epos en wat mij betreft vrij authentiek. Ik zag Vikings en Valhalla en zo’n beetje elke Vikingfilm die er is, dus vind ik mijzelf een kenner.

Treinterreur

“Please remember your luggage”, zei de conducteur op de weg terug. En een man zei tegen zijn reisgenote dat hij graag wilde leren gedichten te declameren. Dat was de goede NS. Vanmorgen zat ze tegen. Voor ik om 05.45 naar Station Zuid ging, keek ik op de app voor bijzonderheden. Niets. Op het station bleek de trein naar Den Haag echter niet te rijden. Ik de app in of er dan vanuit Centraal… ja. Geen belemmeringen. Dus terug in de metro naar Centraal. En daar toch borden dat er geen treinen naar Den Haag. Zwaar de pee in liep ik naar huis, bedacht dat ik via Utrecht kon, ging terug naar Centraal om via de Domstad toch naar de Hofstad. Om 05.45 uur vertrokken, om 08.45 uur gearriveerd.

Omdat alle kantoren die middag bezet waren ging ik in Teams op mijn Smartphone voor een korte briefing aan de koffietafel zitten. Tot ik ruw werd onderbroken door twee personal assistants, dat dat zo toch niet kon en ik of als de wiedeweerga. Ik kreeg potdomme een standje. Waarom hebben PA’s het ego dat ze hebben?

Roos sprak met de financieel adviseur en stuurde al wat documenten. Was ik 57 geweest, dan was financieren een stuk moeilijker geworden, blijkt nu. Maar ik ben 56. Jong genoeg om een appartement te kopen.

Doe niet zo lullig

Nadat de penis jarenlang niet te zien was op tv, brengen betaalzenders hem steeds vaker in beeld. Publiciste Linda Duits vindt dat maar niets. ‘Het effect van een slappe lul is anders dan dat van een parmantige tiet. Het is komisch en kolderiek, eerder aandoenlijk dan opwindend.’ Pardon? Is mannelijk naakt minder prettig om te zien dan het vrouwelijke?

Vrolijker nieuws: we willen het nieuwbouwappartement in Weesp graag kopen. Oplevering (mits zeventig procent van de appartementen is verkocht) wordt najaar 2024. Gisteren waren we op gesprek. Het eerste wat de makelaar wilde weten is waarom we een plek aan de Prinsengracht willen verruilen. Typisch makelaar, besef je, dat alles draait om locatie. We sputterden iets van rust en meer groen en dat ik de Amsterdammers niet meer zo leuk vind. Maar dat is sowieso iets van de Randstad zei ze verstandig.

Over twee weken tekenen we voor koop, waarna we twee maanden hebben om de financiering rond te krijgen. Dat is een voor ons nieuw verhaal van overwaarde, overbruggingskredieten en extra maandlasten. Gelukkig is er sinds gisteren een heel behoorlijke politie-cao, dus ach… we rooien het wel.

De Hofdame zegt toch welkom

Ik hoorde Roos toevallig antwoordden dat we nog belangstelling hebben, maar ja, in wat? Weesp bleek snel. Er is in de Hofdame alsnog een plek opengevallen en wij maken zowaar kans. Vrijdag volgt een gesprek. Ik had er geen enkel vertrouwen in toen we op de reservelijst kwamen, maar kansen keren. Na een wederzijds ja volgen meer gesprekken, met hypotheekverstrekkers, makelaars en ander volk. Het hoort erbij.

Het weekje rust zit erop, voor mij vrijdag al, toen mijn piket begon. Ik lag vannacht wakker van een artikel dat woensdag klaar moet zijn, bleek volgens de briefing die ik vandaag kreeg. In overleg met de eindredacteur een nieuwe datum afgesproken. Volgende week mag ik een collega spreken over haar onderzoek naar journalistieke vrijheid binnen de politie. Dan kom je direct op het verschil tussen journalistiek en bedrijfsjournalistiek.

Omdat ik heel het weekend paraat stond en het werk voor vandaag was gedaan, ging ik een rondje fietsen. Ik ben dit jaar de 1000 kilometer gepasseerd.

Oranjefront

Natuur in Nederland is begrensd door prikkeldraad en verbodsborden, bleek tijdens onze wandeling naar de Posbank, die we niet mochten betreden. Je denkt dan dat de bewegwijzering ten minste goed is, je kunt het pad immers niet af, maar helaas. Na de Posbank nog tijd voor Doesburg, op aanraden van Ton. Een charmant stadje met te veel bakkers die zich voorbereiden op Koningsdag. Zelfs de AH had vier vitrines vol oranje tompoucen en soesjes. We aten een broodje bij zo’n bakkerij waar een man haastig binnenliep of ze oranje poezen hadden. Morgen wel zei de verkoopster. Op de parkeerplaats liet een bejaarde een reutelende scheet.

Afgesloten

We zijn op park Beekhuizen nabij Velp. Een natuurkamp (nee, geen naturisten), midden in het bos. Heerlijk. Geen tv, geen laptop (mee). Wel lekker eten en drinken en lezen. John Ashbery blijft onnavolgbaar goed. Nog wel eerst even over de grens geweest om boodschappen te doen in Kaufland. Morgen wandelen naar de Posbank.

We hebben een korte vakantie in het vooruitzicht, een midweekje op een natuurpark nabij Arnhem. In de vakantieaanloop ergerde ik me op het werk vrijwel constant, wat soms aan mij lag, vaker aan de ander. Zoals onbekende collega’s die meenden dat ik hun probleem moest oplossen en meer van dat soort dingen. Nog tien jaar, als het lukt om op mijn 66ste met pensioen te gaan.

Het is goed om een week weg te zijn. Helaas heb ik volgende weekeinde piket. Museum Kuppersmühle staat op het programma en vooruit… Arnhem.

Tol betalen in ’t tolhuis

Print is op sterven na dood, impliceerde de bladendokter. Alleen voor de zomervakantie zien publiekstijdschriften een piek. We hadden de dokter over om te praten over de toekomst van onze twee bladen die naar één gaan. En om te praten over wat de toekomst wel brengt, wat hoofdzakelijk online is, en waar ik mij op het werk op richt. De toekomst is ook personaliseren, content steeds meer richten op de individuele afnemer. Prosumer vind ik een grappig woord.

’s Ochtends was er nog een uurtje praten over onbewust of bewust gedrag, wat geen verrassing bood, evenmin dat je buiten je eigen scope moet schrijven.

Op zaterdag trof ik dichtersvrienden Gert, Nanne en Ton voor een lunch in de Tolhuistuin in Amsterdam Noord. We gaven boeken weg (de boekenweek was immers begonnen), bespraken onze afstand tot het literaire circuit, onze kijk erop en we vroegen naar elkaars welbevinden. Het was zeer genoeglijk. Wonder! ik hield mijn pak droog, ondanks de wiebelige serveerster die de drank aan onze tafel verzorgde.

Na vijf kwartier Trentemøller verliet ik Paradiso. Ik voelde me niet lekker, moest ook weer wennen aan veel mensen om me heen en het optreden beviel me matig, wat niet lag aan de band die stevig van leer trok. Maar de zangeres stond op echo overdrive en de hoofdmuzikant liet het na om contact te maken zijn publiek en de setlist ging van idioot stevig naar gapend traag. Neemt niet weg dat ik graag luister naar Trentemøller.

De griep is er bijna uit. Ook bij Roos, die morgen weer naar haar werk kan.